Direct inschrijven
12-02-2021
12-03-2021
16-04-2021
Muziekcursus
Erik Visser
7
12-02-2021
Muziek komt tegenwoordig overwegend in lichte gedaante tot ons. Deze serie muziekgeschiedeniscolleges (met luistervoorbeelden op piano en van cd=s) over de klassieke sonate biedt daaraan een mooi tegenwicht. Docent Erik Visser belicht de verschillende gestaltes van de sonate door de eeuwen heen.
De sonate kwam voort uit het meerstemmige lichte chanson van de vroege zestiende eeuw. Vanaf ca. 1550 verdreven blazers de zanger, de zeventiende-eeuwse strijker verdrong op zijn beurt weer de zestiende-eeuwse blazer. Al die tijd is de sonate polyfone muziek. Alsof de tekst onveranderlijk het beginpunt van het componeren was gebleven (wat trouwens niet het geval is).
Rond 1670 volgt een wisseling van techniek: de melodische lijnen (met het polyfone klankbeeld als resultaat) maken plaats voor akkoorden en harmonieËn. De sonate wordt dan geschreven volgens de regelen van het, inmiddels meegegroeide, contrapunt.
De dans doet haar intrede in de sonate! Dat is een baanbrekende omslag die bepalend is voor de latere sonate. De hoofd- of sonatevorm bestaat uit een herhaalde expositie en een herhaalde doorwerking en reprise. Een eerste stap in deze richting zetten Arcangelo Corelli (1653-1713) en zijn tijdgenoten.
De term ‘klassieke sonate= dateert uit de Weense klassieke stijlperiode (1770-1827) met als belangrijkste componisten Haydn, Mozart en Beethoven. De klassieke sonate is een voorbeeldig mengsel van vocale en instrumentale, ernstige en (ja!) lichte, originele en clichÉmatige, rustige en bewegelijke aspecten.
Na het sonatehoogtij van de Weners beleefde het genre in de Romantiek nog een nabloei. In de twintigste eeuw komt het accent weer meer op het spelelement te liggen: zo schreef Claude Debussy (1862-1918) in zijn laatste jaren nog drie sonates voor ensemble.
instrumentalisten en andere belangstellenden
De inschrijving voor deze cursus is gesloten.
Direct inschrijven
Huismuziek steunen en lid worden?